Staman’s weblog no. 1

26/10/2015
Vroeger, even voor de eeuwwende, toen ik bij het ministerie van LNV werkte, schreef ik ‘Staman’s weekly”. De bedoeling was om nieuwe ontwikkelingen, inzichten en perspectieven met elkaar te delen. Ik ga met mijn tijd mee en u snapt het. Ik begin een weblog.

Migratie in Europa

Het loopt totaal uit de hand. Het is gebeurd met die autonome machtige en toch vooral zo humanistische EU nu zelfs Merkel bereid is de Europese ziel-en-zaligheid aan Erdogan te verkwanselen. Het moet wel, zeggen ze, om groter onheil te voorkomen. Dat is een erg bedenkelijke redenering waarmee je zelfs je kinderen kunt verkopen.

In een expertgroep voor het grote Europese onderzoeksprogramma beraden we ons op de vraag wat de bijdrage van dat programma voor de aanpak van het migratieprobleem zou kunnen zijn. Onze experts beklemtonen dat er geen enkele effectieve aanpak van de grond kan komen als de burgers van de EU vreemden niet langer welkom willen heten. Welkom, niet vanwege een verdrag maar vanwege de simpele constatering dat er zo weinig vooruitgang is in samenlevingen zonder vreemdelingen. Wat verwachten we van vreemdelingen. Waar hopen we op? Wat zouden de arme mensen in Nederland daarover mogen zeggen? Over al die verschillende categorieën vluchtelingen, bijvoorbeeld over doodsbedreigden, over gelukzoekers en over intellectuelen die onze universiteiten en bedrijven bevolken. Dat is de vraag die we moeten beantwoorden. Ik heb begrepen dat er onder de doodsbedreigde vluchtelingen en gelukzoekers heel wat hoog opgeleiden zitten. Weg mooie onderscheid.

Misschien kunnen we dan ook een antwoord formuleren op ‘Houellebecqs beangstigende boek over de overigens vreedzame en democratische overwinning van de politieke islam in Frankrijk'.

Japan

Ik ben bij twee manden te gast bij prof. Shiroyama van de graduate school for public policy van de universiteit van Tokyo en van prof. Arimoto van GRIPS (National Graduate Institute for Policy Studies). Seminars en lezingen over het wetenschap- en technologiebeleid. Ik zit er nu drie weken. We hebben veel gesproken over de aanpak van controversen bij grote infrastructurele veranderingen zoals mobiliteit en energie, maar ook over het onbehagen wat wetenschap, technologie en innovatie soms veroorzaken. Natuurlijk onze ervaringen en inzichten bij het Rathenau Instituut naar voren gebracht.

Interessant is dat in Japan de burgers nog geen sofinummer hebben. Toen ik vertelde hoe de overheid rond sofinummers enorme datanetwerken aan elkaar koppelt en de belastingdienst het formulier nu eigenlijk al helemaal voor u kan invullen, ontstond verbijstering. Hoe kan dat nou. Ik kreeg toch de indruk – in weerwil van de gangbare opvatting – dat Nederlandse burgers vergeleken met de Japanse het meest op kuddedieren, op volgzame staatsschapen lijken. Dat wij burgers in verschillende landen zo weinig van elkaar weten als het om dit soort grote en ingrijpende veranderingen gaat.

En ja hoor daar kwam ie aan: uit de mond ener ambtenaar “Als je niets te verbergen hebt, is er toch geen probleem?” Ik heb de filosoof Thomas Nagel toen maar aangehaald. Iedereen heeft geheimen die verborgen moeten blijven, zeker voor de almachtige staat. Iedereen, niet alleen Clinton. Ik noemde aambeien als voorbeeld. Een vloedgolf aan voorbeelden volgde. Zo moeilijk is het niet om te snappen dat we allemaal stikken van de geheimen.

Wat een cultuurverschil. Japanse studenten stellen bedeesd vragen. Classes met internationale studenten stellen frank en vrij kritische vragen en discussiëren volop. Vreemdelingen zeker. Wat zullen de Japanse studenten veel van hen kunnen leren.

Wetenschappelijk advies is een hot topic in Nederland, in de OECD, de Commissie en ook in Japan. Het gaat dat om de vraag hoe wetenschap en beleid zich tot elkaar zouden kunnen verhouden en waarom de relatie nu zo moeizaam is. Het Rathenau Instituut organiseert al enkele jaren samen met Shiroyama’s groep (en op de achtergrond GRIPS) en met haar zusterorganisatie ITAS in Karlsruhe, een trainingsprogramma voor onderzoekers en beleidsmensen. In Japan pakken ze het nu rigoureus aan. GRIPS neemt onder leiding van prof. Arimoto het voortouw. Veel serieuzer en meer doordacht dan ik in Europa heb gezien. En dat met grote voortvarendheid. Snel en effectief. Knap.

Valt er wat te meten aan de output van wetenschap, technologie en innovatie? Een prachtig thema dat hier ook al weer door GRIPS wordt geagendeerd en met grote voortvarendheid krijgt ook dat onderwerp vlees op de botten. Hier heb ik een bijeenkomst bijgewoond waarbij ook OECD en de Europese Commissie meededen. Prachtig. Veel beschouwingen over output indicatoren voor de markt, de economie, maar even zo goed voor de samenleving. De vraag waarom nu toch zo’n drukte over output indicatoren kwam ook aan de orde. Voor de OECD gaat het om een vergelijkingsbasis te bieden aan de OECD landen, maar tussen alles door, hoor je ook dat men het maatschappelijke draagvlak voor wetenschap, technologie en innovatie wil versterken. Was dat ook niet de aanleiding waarom Nederlandse onderzoeksorganisaties bij het CPB zo hebben aangedrongen op indicatoren met behulp waarvan de economische waarde van onderzoek kan worden vastgesteld? Zou het echt helpen? Kan het ook? Vandaag verscheen het CPB rapport hierover. Het lukt niet om de economische waarde van onderzoek goed in modellen te vaten. Dat is de meest bemoedigende uitkomst. Maar het CPB concludeert ook dat in twee van de drie modellen helemaal geen return op investment kan worden vastgesteld en dat in het derde model in een aantal landen wel opbrengsten worden gezien, maar laat nou dat model nu net nogal wat gebreken vertonen.

Uit een verkenning die ik in het voorjaar voor het Landbouw Economisch Instituut heb uitgevoerd kwam ondubbelzinnig naar voren hoe bepalend die outputdata en economische indicatoren zijn voor het aanzien van sectoren en welke rol ze spelen in internationale onderhandelingen, in het politiek bestuurlijke overleg en in de beeldvorming naar de samenleving. Voor mij een echte eye opener. Jammer dat het bij de wetenschap niet lukt. Vervelend als het erop gaat lijken dat extra investeringen in onderzoek niet zo maar economische groei opleveren.

Wetenschapsjournalistiek

De wetenschapsjournalistiek in de schrijvende pers staat onder financiële druk. De wetenschapspagina’s in onze kranten vertellen vooral nieuwtjes. Het zijn haast pagina’s uit de encyclopedie. De NRC liet dit weekeinde in haar wetenschapsbijlage zien hoe je kritische wetenschapsjournalistiek moet bedrijven. Ook hier over de financiering van de wetenschap en de opbrengst ervan. Lof! Er zijn sectoren in Nederland waarover eigenlijk alleen vanuit een binnenperspectief wordt geschreven. De wetenschap is zo’n sector. Wat zou de wetenschap erbij gebaat zijn wanneer buitenstaanders er eens goed naar kijken. De journalistiek is ook zo’n sector. Die is echt van ons allen.